Kinderopvangtoeslag bij co-ouderschap: wie betaalt, vraagt aan

Hans Kurvers ·

Bij een scheiding met jonge kinderen komt de kinderopvangtoeslag bijna altijd ter sprake. Een hardnekkig misverstand is dat elke ouder alleen toeslag kan krijgen voor de dagen dat het kind bij hem of haar is. Dat klopt niet. Bepalend is niet bij welke ouder het kind op de opvangdagen verblijft, maar wie de opvang betaalt.

Wie dat goed inricht, kan de toeslag voor het gezin als geheel aanzienlijk verhogen. In dit artikel zetten we de regels op een rij, zodat u vooraf weet waar u aan toe bent en de afspraak goed vastlegt in het ouderschapsplan.

Het uitgangspunt: toeslag voor de uren die u zelf betaalt

De kern is eenvoudig. Elke ouder kan kinderopvangtoeslag krijgen voor de opvanguren die hij of zij zelf betaalt. Betaalt één ouder alle uren, dan kan die ouder voor al die uren toeslag aanvragen — dus ook voor de uren op de zorgdagen van de andere ouder. Betalen beide ouders een deel, dan vraagt ieder toeslag aan voor het eigen deel. Op welk adres het kind staat ingeschreven, maakt daarbij niet uit.

Voor die verdeling gelden drie harde grenzen:

  • Contract en betaling. De uren moeten in het contract van de aanvragende ouder staan, en die ouder moet ze ook daadwerkelijk betalen. U mag alleen kinderopvangtoeslag aanvragen voor het aantal uren dat in uw eigen contract is afgesproken. Bewaar facturen en bankafschriften, want de Belastingdienst kan om bewijs vragen.
  • Maximum per kind. Per kind geldt een maximum van 230 uur per maand, voor alle opvangorganisaties samen. Dezelfde uren kunnen niet door beide ouders worden opgegeven.
  • Voorwaarden gelden voor de aanvrager. De ouder die betaalt moet zelf aan de voorwaarden voldoen, zoals werken of studeren. Heeft die ouder een nieuwe toeslagpartner, dan geldt dat ook voor die partner. De situatie van de ex-partner speelt geen rol.

Wanneer bent u co-ouder?

De Belastingdienst spreekt van co-ouderschap wanneer ouders de dagelijkse opvang en opvoeding op jaarbasis ongeveer gelijk verdelen. De harde ondergrens: het kind is minimaal 156 dagen per kalenderjaar bij elke ouder. Hoe die dagen over de week of het jaar vallen, is vrij — om en om een week, drie vaste dagen, of een wisselend schema in even en oneven weken zijn allemaal mogelijk, zolang die 156-dagengrens per ouder wordt gehaald.

Nemen beide ouders opvang af, dan sluit ieder een eigen contract met het kindercentrum of gastouderbureau. Een gezamenlijk contract op beider naam mag ook, mits door allebei ondertekend. Co-ouders moeten daarnaast schriftelijk aan Dienst Toeslagen melden dat zij co-ouder zijn geworden; hoe dat werkt leest u verderop.

De kans: laat de ouder met het laagste inkomen alle uren betalen

Kinderopvangtoeslag is inkomensafhankelijk: hoe lager het toetsingsinkomen, hoe hoger het vergoedingspercentage. Na de scheiding zijn ex-partners geen toeslagpartners meer. Het percentage wordt berekend op het inkomen van de ouder die betaalt, plus dat van een eventuele nieuwe toeslagpartner van die ouder.

Dat biedt ruimte. Co-ouders mogen de opvangkosten onderling verdelen en zo bepalen welk deel van de toeslag elk ontvangt. Bij die verdeling mogen zij er rekening mee houden dat zij samen zoveel mogelijk toeslag krijgen. In de praktijk is het daarom vaak gunstig als de ouder met het laagste toetsingsinkomen alle uren betaalt. Dat is meestal een alleenstaande ouder zonder nieuwe partner, omdat die het hoogste toeslagpercentage krijgt.

De netto opvangkosten die na toeslag overblijven, verrekent u vervolgens onderling — bijvoorbeeld via de kinderalimentatie of de kinderrekening. Zo profiteert het gezin als geheel van het hoogste percentage, zonder dat één ouder de volledige rekening draagt.

Let op: dit werkt alleen als de constructie klopt op papier én in de praktijk. Het contract moet op naam van de betalende ouder staan, de facturen moeten daadwerkelijk door die ouder worden betaald, en die ouder moet zelf aan de voorwaarden voldoen. Een ouder die niet werkt of studeert (en geen toeslagpartner heeft die dat doet), heeft geen recht op toeslag — hoe laag het inkomen ook is.

Wat u praktisch moet regelen

Om de toeslag na de scheiding correct in te richten, loopt u samen de volgende stappen door:

  • Leg de afspraak vast in het ouderschapsplan. Benoem expliciet wie het contract met de opvang afsluit, wie de toeslag ontvangt en hoe de netto kosten worden verdeeld. Een duidelijke afspraak voorkomt discussie achteraf en geeft beide ouders een kader bij wijzigingen, zoals een nieuwe partner of een ander inkomen.
  • Meld het co-ouderschap schriftelijk bij Dienst Toeslagen. Stuur een door beide ouders ondertekende brief met daarin de dagverdeling over het kalenderjaar, plus naam, adres en bsn, naar Dienst Toeslagen, Postbus 4510, 6401 JA Heerlen. De Belastingdienst stelt hiervoor een voorbeeldbrief beschikbaar; reken op zo’n vijf weken verwerkingstijd. (Staat het kind op het adres van één ouder ingeschreven en is dat ook de enige ouder die toeslag aanvraagt, dan is deze melding niet nodig.)
  • Pas de aanvraag aan in Mijn toeslagen. De ouder die (voortaan) betaalt, geeft het contract en de opvanguren door. Stond de toeslag op naam van de ex-partner, dan vraagt de betalende ouder een nieuwe toeslag aan op eigen naam en zet de ex-partner de eigen aanvraag stop.
  • Bewaar contract en betaalbewijzen. Het contract op eigen naam en de bewijzen dat de uren daadwerkelijk zijn betaald, vormen de onderbouwing als de Belastingdienst om verantwoording vraagt.

Tot slot

Kinderopvangtoeslag bij co-ouderschap draait om één principe: wie betaalt, vraagt aan. Niet de zorgverdeling, maar het contract en de betaling bepalen wie de toeslag krijgt. Dat geeft ouders ruimte om de toeslag voor het gezin te optimaliseren — mits de constructie klopt op papier en in de praktijk, en de netto kosten eerlijk worden verrekend. Wie dit vooraf samen bespreekt en in het ouderschapsplan vastlegt, voorkomt zowel gemiste toeslag als een vervelende discussie achteraf.

Meer over de fiscale kant van scheiden leest u op de pagina belastingen en toeslagen bij scheiding.

Vragen over kinderopvangtoeslag bij co-ouderschap?

Wilt u weten wat de beste verdeling is in uw situatie, of hulp bij het vastleggen in het ouderschapsplan? Neem dan contact met ons op of bel 076-7992025.

Bronnen: Belastingdienst — Ik word co-ouder, wat betekent dat voor mijn toeslagen? · Taxence — Co-ouders: kinderbijslag, toeslagen en ICK · AFAS Help — Kinderopvangtoeslag