Co-ouderschap na de scheiding
Co-ouderschap houdt in dat jullie de zorg voor de kinderen na de scheiding min of meer gelijk verdelen: de kinderen wonen zowel bij de ene als de andere ouder. Een exact gelijke verdeling is geen vereiste — wél dat jullie goed blijven overleggen. Hieronder lees je wanneer co-ouderschap werkt en wat het financieel betekent.
Laatst bijgewerkt:
Wat is co-ouderschap?
Co-ouderschap betekent dat beide ouders na de scheiding ongeveer evenveel zorg- en opvoedingstaken op zich nemen. De kinderen wonen zowel bij de ene als de andere ouder en brengen bij allebei ongeveer evenveel tijd door. Een exact gelijke verdeling is geen wettelijke eis: ook een verdeling van bijvoorbeeld 40 om 60 procent valt onder co-ouderschap. Wat telt, is dat de regeling reëel is en past bij jullie werk en bij het ritme van de kinderen. Werkt de ene ouder meer dan de andere, dan ligt het voor de hand dat de kinderen wat vaker zijn bij de ouder die meer thuis is. Co-ouderschap is bewust niet dichtgetimmerd in de wet — jullie bepalen samen hoe je het invult en legt dat vast in het ouderschapsplan.
Wanneer werkt co-ouderschap?
Co-ouderschap vraagt meer overleg dan een andere omgangsregeling. Omdat jullie allebei intensief bij de kinderen betrokken blijven, moeten jullie het eens kunnen worden over de dagelijkse dingen: huisregels, huiswerk, bedtijden, sport en school. Loopt de communicatie stroef, dan merken de kinderen dat als eerste. Drie voorwaarden zijn in de praktijk doorslaggevend:
- een werkbare ouderrelatie waarin jullie zaken kunnen bespreken;
- wederzijds respect, ook als jullie het als partners niet eens werden;
- goede afstemming en communicatie over de kinderen.
Precies daarom kan co-ouderschap niet worden afgedwongen bij de rechter: moet één ouder het afdwingen, dan ontbreekt meestal juist die basis van overleg. Mediation helpt om die basis te leggen. Doordat jullie de afspraken samen en vrijwillig maken, blijft de onderlinge verstandhouding beter — en dat is precies wat co-ouderschap nodig heeft. Lees hoe ik dat begeleid in mijn werkwijze.
En de kinderen?
Co-ouderschap moet niet alleen voor jullie werken, maar vooral voor de kinderen. Het ene kind bloeit op bij veel tijd met allebei de ouders, terwijl een ander het vermoeiend vindt om steeds te wisselen tussen twee huizen. Soms speelt er meer, bijvoorbeeld als een ouder al samenwoont met een nieuwe partner en het kind daar zijn draai nog niet heeft gevonden. Luister daarom goed naar wat een kind zelf aangeeft en zoek samen naar een oplossing waarbij het contact met allebei de ouders overeind blijft. In de mediation kan een KIES-coach de kinderen een eigen stem geven via een kindgesprek, zodat hun mening meeweegt zonder dat ze hoeven te kiezen tussen jullie. Voor baby’s en peuters ligt een gelijke verdeling meestal nog niet voor de hand; lees daarover meer in uit elkaar met een baby of jong kind.
Kinderalimentatie bij co-ouderschap
Ook bij co-ouderschap kan er kinderalimentatie ontstaan. De zorg is dan wel verdeeld, maar de inkomens van beide ouders zijn dat zelden. Er zijn grofweg twee soorten kosten:
- huishoudkosten die aan het verblijf gebonden zijn (wonen, boodschappen, energie);
- verblijfsoverstijgende kosten (kleding, sport, verjaardagen, school en opleiding).
Vaak verdelen ouders de kosten naar rato van het aantal dagen dat een kind bij elk van hen is, en storten ze allebei naar draagkracht op een gezamenlijke kinderrekening. De verblijfsoverstijgende kosten en vaak ook de kinderbijslag lopen dan via die rekening. Hoe je de kosten en de draagkracht eerlijk verdeelt, leggen we vast in het ouderschapsplan. Meer daarover lees je op de pagina over kinderalimentatie.
Kinderbijslag, kindgebonden budget en toeslagen
De kinderen kunnen op maar één adres in de basisregistratie van de gemeente staan, ook al wonen ze feitelijk om en om. Dat heeft gevolgen voor een aantal regelingen:
- de kinderbijslag (via de SVB) kan op verzoek over beide ouders worden verdeeld;
- het kindgebonden budget kan bij co-ouderschap over beide ouders worden verdeeld als jullie twee of meer kinderen hebben;
- de inkomensafhankelijke combinatiekorting kunnen werkende co-ouders allebei aanvragen;
- voor de huurtoeslag mag de andere ouder het kind soms meetellen.
Voor de huurtoeslag en de combinatiekorting geldt vaak de eis dat een kind in een vast ritme minimaal ongeveer drie dagen per week bij elke ouder is. De precieze voorwaarden en de co-ouderschapsverklaring vind je bij de Belastingdienst. Reken je situatie niet zelf dicht: laat het meenemen in de afspraken.
Samen tot een goede regeling komen
Co-ouderschap staat of valt met overleg — en juist daarbij helpt mediation. Als MfN-registermediator in Breda begeleid ik jullie zonder partij te kiezen naar afspraken die voor jullie én de kinderen werken. Wil je weten of co-ouderschap bij jullie past? In een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek leg ik uit hoe ik werk en wat jullie kunnen verwachten. Neem contact op om kennis te maken.